donderdag 8 december 2011

Echt of niet?


Met de moderne Photoshop technieken kun je je vrijwel altijd afvragen of een foto wel echt is. Natuurlijk speelt deze vraag een grotere rol bij nieuwsfoto’s en forensisch onderzoek dan bij creatief gebruik.


Manipulatie bij nieuwsfoto’s is bijna van alle tijd en nog niet zo lang geleden was het onderwerp weer even actueel toen Defensiefotograaf Sjoerd Hilckmann een prijs won bij de Zilveren Camera met deze foto:

Zoals je ziet betreft het puur een esthetische kwestie en is het maar de vraag of de nieuwswaarde beïnvloed is. Toch is het een hot item in de nieuws wereld want waar het om gaat is natuurlijk waar je de grens trekt (kijk evt. verder op deze opiniepagina met meer voorbeelden of lees het zojuis
t uitgekomen boek ‘Kijken zonder zien’ van Gie van den Berghe, ISBN 9789028962521.

Als je in de gelegenheid bent moet je zeker ook even het artikel ‘Meekijken’ in De Volkskrant van vandaag inzien (pag 22/23).
De vraag of een foto origineel is of niet is bij forensisch- en verzeeringsonderzoek echter wel relevant. Wanneer iemand veroordeeld wordt op basis van een foto dan wil je er wel zeker van zijn dat het geen in elkaar geknutselde montage betreft.


Verschillende leveranciers hebben een antwoord proberen te geven op deze behoefte:


·       Nikon heeft zijn ‘Image Authentication Software’. Daarmee kan aangetoond worden of de afbeeldingen (gemaakt met een aantal professionele camera modellen) daadwerkelijk origineel zijn of niet. Daarvoor heb je dan een D300s, D700 of een D3s nodig.




·       Canon kent het vergelijkbare ‘Original Decision Data’ systeem (o.a.: EOS 20D, EOS 5D, EOS 30D, EOS 40D, EOS 450D, EOS 1000D, EOS 50D, EOS 5D Mark II, EOS 500D en EOS 7D).




·       JPEGsnoop heeft software waarmee analyses zijn uit te voeren op jpg afbeeldingen. Het kan ondermeer iets zeggen over de bron van het bestand (waarmee is het gemaakt).


In het geval van Canon en Nikon geeft de camera als het ware een handtekening mee aan de foto die later door software uitgelezen kan worden. Ontbreekt de handtekening dan is de foto bewerkt.

Toch stelt het eigenlijk helemaal niet (meer) zo heel veel voor. Het bedrijf Elcomsoft heeft zowel de software van Nikon(artikel) als die van Canon (artikel) gekraakt en beide zijn nu dus gecompromitteerd. En hoewel dit al behoorlijk lang is geleden hebben zowel Nikon (april 2011) als Canon (nov 2010) nog steeds geen antwoord. Ik vraag me af of die ooit nog gaat komen, de sites van beide blijven oorverdovend stil. Ze ontkennen het nog net niet maar daarmee is alles wel zo’n beetje gezegd.

In het kort komt het er op neer dat, dankzij de hacks van Elcomsoft het mogelijk is om bewerkte foto’s van een handtekening te voorzien die door de genoemde software als ‘echt’ wordt herkend.

Voor JPEGsnoop geldt dat de analyses die worden uitgevoerd nooit 100% uitsluitsel geven en bovendien alleen op JPG’s kunnen worden uitgevoerd. Met het programma kan een hoop informatie uit foto’s worden ontsloten maar voor dit artikel focus ik me even op de optie waarmee foto’s als bewerkt kunnen worden herkend. JPEGsnoop heeft namelijk een database met een groot aantal (jpeg) compressie signaturen waarmee de betreffende afbeelding vergeleken wordt. Wanneer de signatuur van de foto overeenkomt met die van bijvoorbeeld Photoshop dan mag je er van uit gaan niet met een originele opname van doen te hebben.

Mocht er dus geknoeid zijn met een foto en dat tevens worden opgemerkt door bovenstaande of andere software, dan lijkt me dat voldoende om de betreffende foto uit te sluiten als bewijsmateriaal. Echter andersom; aantonen dat het écht om een origineel gaat is, voorzover mij bekend, door niemand 100% te garanderen. Dmitry Sklyarov, de persoon van Elcomsoft die de Canon code kraakte, ziet overigens nog wel mogelijkheden voor toekomstige hardware; zie pagina 32 van dit PDF bestand maar er lijken geen ontwikkelingen gaande op dit gebied.
Of dit alles relevant is voor de Nederlandse situatie weet ik overigens niet omdat ik heb begrepen dat de rechtbanken in ons land de genoemde versleutelingen al voorheen niet accepteerden als bewijs van echtheid. Waar ik dan nog wel even benieuwd naar ben is of er dan überhaupt nog wel foto’s in Nederlandse rechtszaken gebruikt worden…

woensdag 9 november 2011

Trefwoord tips voor fotografen die gebruik (willen) maken van Photostockbureau’s




Foto’s die je te koop aanbiedt via een stockbureau zoals Getty of Shutterstock hebben een heel andere benadering nodige wanneer het gaat om trefwoorden dan foto’s die je voor jezelf gebruikt of rechtstreeks aan klanten verkoopt. 
Over dit laatste heb ik al eens eerder geschreven maar ditmaal wil ik dus wat concrete tips bespreken die van belang zijn voor het gebruik van je foto’s bij stock bureaus

Om expliciet te maken dat er geen personen op je foto staan kun je het woord ‘niemand’ toevoegen als trefwoord

Geef aan of het een kleuren- dan wel een zwart/wit opname betreft. Hetzelfde geldt voor panorama en/of HDR foto’s

Gebruik verschillende spellingsmogelijkheden voor je trefwoorden (zwart/wit, zwart-wit/ zw/w)

Mocht je je foto’s aan stockbureau ’s gaan aanbieden dan is het van belang dat je de trefwoorden er ook (minimaal) in het Engels bij plaatst

Voeg de leeftijd van de mensen op de foto toe. Gebruik daarbij ranges als ‘0-5 jaar’

Beschrijf de etnische afkomst van de mensen op de foto; juist ook wanneer het om blanke mensen gaat

Ga er van uit dat de zoekmachines van stockbureaus (nog) niet automatisch synoniemen voor je trefwoorden zullen genereren (Stoel, sofa, zetel, fauteuil), doe dat dus zelf. Zorg ook voor verschillende vervoegingen van de gebruikte trefwoorden (spelen, speelt, speelde).

De meeste opnames vallen in een van de volgende drie categorieën; Interieur, Exterieur en Buiten. Geef dit aan al je foto’s mee

Verdiep je in de zoektermen die editors vaak gebruiken zoals ‘achtergrondkleur’. Pas deze termen als trefwoord toe bij de foto’s die van toepassing zijn

Besteed voldoende tijd aan het meegeven van trefwoorden aan je foto’s, alleen dan zullen ze komen 'bovendrijven' bij zoekopdrachten van geïnteresseerde klanten.

Zoals in het voorwoord aangegeven zijn veel van de genoemde zaken niet belangrijk of juist zelfs overbodig bij het beheer van je privéfoto’s. Daar zullen zaken als een sterwaardering en namen van de personen die op de foto staan een veel belangrijkere rol spelen. Hoe en welke trefwoorden je toevoegt aan je foto's is dus afhankelijk van je situatie.

dinsdag 4 oktober 2011

Eindelijk RAW ondersteuning voor Windows 7


Microsoft heeft eindelijk RAW ondersteuning toegevoegd aan Windows 7 en Vista (zowel 32 als 64 bit). Hoewel dit al tijden in XP zat was het toch nog toe behelpen met de recentere besturingssystemen, vooral de 64 bits versies. Eigenlijk was je dan aangewezen op een extra Codec pack zoals die van bijvoorbeeld FastPictureViewer.

Maar sinds juli van dit jaar kun je dus ook in Vista en Windows 7 RAW bestanden als thumbnails zien in de verkenner en dubbelklikken om ze te openen in Windows viewer of in andere applicaties die gebruik maakt van de Windows Imaging Codec (WIC).
Je kunt in- en uitzoomen en ook bijvoorbeeld diashows starten. Ook kunnen derden er uitbreidingen voor gaan ontwikkelen maar voor zover mij bekend is daar nog niets voor op de markt gekomen.

De Microsoft Camera Codec Pack (16.0.0652.0621), zoals hij officieel heet, kan hier worden gedownload. Ook kun je daar zien van welke (120 + ) camera's de RAW bestanden allemaal ondersteund worden maar volgens mij zitten er geen recentere modellen dan ongeveer een jaar tussen.

dinsdag 13 september 2011

Ervaringen met Media Pro van Phase One


Afgelopen mei schreef ik over de lancering Phase One’s Media Pro archiefsoftware met de belofte het eens flink aan de tand te voelen. Veel fotografen hadden namelijk met smart gewacht op het eerder van Microsoft overgenomen product. Al tijdens de Microsoft periode was de ontwikkeling van wat destijds Expression Media II werd genoemd, al zo’n beetje tot stilstand gekomen en ook nu duurde het bijna een jaar voordat Phase One met een release uit kwam. De verwachtingen waren dus hoog gespannen en veel mensen sloegen meteen aan het testen, ook ikzelf.

Op diverse fora, ondermeer op die van PhaseOne zelf en die van TheDamBook worden veel ervaringen uitgewisseld en kan er ook veel informatie terug worden gevonden. De eerste ervaringen waren overigens niet onverdeeld positief en PhaseOne kwam dan ook al vrij snel (juli 2011) met een update; versie 1.01


Iedereen die Media Pro heeft gedownload maar (nog) niet aangeschaft werd op 29 augustus door Phase One gevraagd naar zijn of haar mening over het product. De enquête is niet te vinden vanaf de website en vandaar hier nog even de URL voor diegenen die de mail niet hebben ontvangen maar alsnog graag hun mening kwijt willen.
Voor degenen die graag eerst willen weten wat ze kunnen verwachten zijn hier de 9 vragen:
  1. In welke setting heb je Media Pro gebruikt?
  2. Waar heb je voor het eerst van Media Pro gehoord?
  3. Wat is je algehele indruk van Media Pro?
  4. Vond je Media Pro intuïtief in het gebruik?
  5. Beantwoord Media pro aan je DAM behoeftes?
  6. Welke software heeft je voorkeur voor het beheren van je digitale assets?
  7. Welke RAW converter of beeldbewerkingssoftware gebruikte je in combinatie met Media Pro?
  8. Wat is de belangrijkste reden waarom je Media Pro niet hebt aangeschaft na de proefperiode?
  9. Wat zou nodig zijn om je over te halen om Media Pro alsnog aan te schaffen?
Alleen vraag 8 en 9 hebben een tekstveld waarin je eigen tekst kwijt kunt, alle overige vragen hebben voor-gedefinieerde antwoorden.

Vanzelfsprekend heb ik mijn eigen ervaringen met PhaseOne gedeeld in de hoop dat er snel een nieuwe update uit zal worden gebracht. Er mankeert in mijn ogen namelijk nog te veel aan om de overstap van Expression Media naar Media Pro te rechtvaardigen

Voor wie (nog) niet weet waar Media Pro voor gebruikt wordt heb ik eerder een artikel geschreven over zijn voorganger; Expression Media. De dingen die daar staan beschreven gaan op voor beide applicaties.

Mijn eigen ervaringen:

De bovenstaande zaken heb ik aangetroffen. Met de groen gemarkeerde onderwerpen onderscheidt Media Pro zich positief vergeleken met de voorganger; Expression Media. Met de rood gemarkeerde velden is het andersom…
De 17 punten zijn in dit document verder uitgewerkt PLUS een aantal rechtstreekse vergelijkingen met EM2. 

Mijn conclusie is om vooralsnog vast te houden aan Expression Media en de overstap naar Media Pro nog niet te maken. Wel zie ik erg veel potentie in het product dus ik zal voorlopig nog geduld uitoefenen. Mijn hoop is wat dat betreft gevestigd op Phase One, een ‘echt’ foto bedrijf met, volgens mij, de goede focus.

Update 25 oktober 2011: Phase One heeft versie 1.1 van Media Pro uitgebracht.
Update 18 nov 2011: Voor de Mac is er inmiddels al een 1.1.1. versie.
UPdate 10 jan 2012: Voor beide platformen is versie 1.2 uitgebracht, zie hier de releasenotes.

NB: In deze post zijn (nog) geen ervaringen van deze versies verwerkt.

maandag 1 augustus 2011

Twee waarnemingen op de 5e internationale foto metadata conferentie


Twee interessante waarnemingen voor de digitale fotograaf op de 5e internationale foto Metadata Conferentie in Istanboel op 20 mei jongstleden waren:
  • De release van het “CEPIC/IPTC Image Metadata Handbook”
  • De uitgave van het “Embedded Metadata Manifesto (2011)”
Als eerste is er dus het Metadata Handboek vrijgegeven.
Dit handboek (voor iedereen hier kosteloos te downloaden) is uitgegeven door de CEPIC en bevat ondermeer ook bijdragen van de IPTC.

CEPIC staat voor “Coordination of European Picture Agencies Stock Press and Heritage” en als zodanig zijn ze de spreekbuis van de beeldindustrie in Europa.

IPTC staat voor “International Press Telecommunications Council”, een consortium van werelds belangrijkste persbureaus en uitgevers. De belangrijkste taak van het IPTC is het ontwikkelen en onderhouden van technische standaarden ten behoeve van de nieuws uitwisseling.
Concreet betreft het handboek niet een enkel boek maar een aantal PDF bestanden:
  • Image Metadata planning, een gids voor zakelijke gebruikers
    In 17 hoofdstukken wordt hier uitgelegd wat metadata is, wat de zakelijke rechtvaardiging (business case) voor het gebruik er van is, hoe je er in de praktijk mee om kunt gaan en worden er voorbeelden gegeven voor verschillende vakgebieden.
  • Een document over de relatie van metadata en copyright
  • Een quick reference kaart voor het gebruik van de IPTC Core velden
  • Een quick reference kaart voor het gebruik van de IPTC Extension velden
  • Een interactieve metadata workflow planning tool om te bepalen welke IPTC velden gebruikt moeten worden in diverse stadia van een zakelijke werkproces
Wie mee wil discussiëren over het handboek kan op de daarvoor in het leven geroepen Yahoogroup terecht: http://groups.yahoo.com/group/iptc-photometadata


Het tweede onderwerp betreft het “Embedded Metadata Manifest (2011)”
Dit manifest gaat er over hoe metadata in digitale media bestanden ingebed kan worden en hoe het kan worden behouden. Het manifest is uitgegeven door de IPTC Photo Metadata Working Group op de 5e internationale foto Metadata Conferentie in Istanboel op 20 mei 2010.
Beeldmakers als fotografen, filmmakers, ontwerpers maar ook bibliothecarissen en curatoren hebben een gemeenschappelijk probleem. Ze worstelen allemaal om grip te houden op hun alsmaar groeiende collecties digitale media bestanden zoals foto’s en video’s en om de individuele bestanden daarin te kunnen volgen.

Met dit in gedachten draagt de werkgroep 5 principes in hun manifest uit:
  1. Metadata is essentieel om digitale media te beschrijven, te identificeren en te volgen. Daarom moet metadata worden toegekend aan alle digitale media zoals bestanden of data streams, met name in een professionele context
  2. Media bestandsformaten moeten (worden) voorzien in mogelijkheden om metadata te inbedden zodanig dat verschillende software systemen er mee om kunnen gaan. Veelal gaat dat beter met de metadata ingebed in het bestand dan met losse ‘sidecar’ bestanden waarbij het risico op verlies te groot is
  3. De betekenis van metadatavelden (inclusief de ‘labels’ in de gebruikers interfaces) en hun waardes mogen niet veranderen of verloren gaan bij omzetting naar andere formaten
  4. Copyright gegevens mogen nooit van de bestanden verwijderd worden. Deze gegevens zijn de enige manier om te voorkomen dat digitale bestanden als orphaned work (wees) worden beschouwd. Het verwijderen van deze data met de intentie om het eigenaarschap over te nemen is in veel landen verboden
  5. Andere gegevens mogen alleen verwijderd worden van bestanden wanneer de copyright houder daar toestemming voor geeft.
    Zorgvuldig gekozen en toegekende metadata velden voegen waarde toe aan media bestanden. In de meeste collecties is beschrijvende metadata essentieel voor het terugvinden en het begrijpen van de bronbestanden. Wanneer deze informatie wordt verwijderd devalueert de waarde van het bestand

dinsdag 12 juli 2011

De vakantie workflow voor de digitale fotograaf

Omdat je op vakantie over het algemeen waarschijnlijk niet de beschikking hebt over je gebruikelijke applicaties zal je workflow er noodgedwongen vaak anders uitzien dan normaal. Althans bij mij is dat het geval. Een van de belangrijkste aandachtspunten tijdens je reis zal zijn het veiligstellen van je opnames.
In het verleden nam ik nog wel eens een ‘imgagetank’ mee om back-ups te kunnen maken van alle foto’s tijdens de vakantie. Dit om te voorkomen dat diefstal of schade aan camera en/of opname kaart niet meteen verlies van opnames zou betekenen.
De imagetank die destijds was voorzien van een harde schijf van 20 Gb voldeed toen wel maar tegenwoordig, met SD kaartjes van alleen al 16 Gb, is het toch wel erg behelpen. Ik zou er een grotere harde schijf in kunnen zetten maar aangezien het apparaat ook niet voorzien is van een display waarop ik de foto’s kan checken kijk ik toch liever naar een andere oplossing.
Een laptop meesjouwen op vakantie vindt ik nu ook weer zoiets maar ook modernere opties als smartphones, iPad’s of andere tablets zijn wat mij betreft niet toereikend. Want wat zoek ik eigenlijk? Eerst maar eens een wensenlijst samengesteld:
  • Ik wil tijdens de vakantie snel en eenvoudig back-ups van m’n opnames kunnen maken, het liefst met de mij bekende applicaties
  • Behalve de backups zelf wil ik ook mijn administratie er om heen er op willen regelen
  • Eigenlijk wil ik dagelijks wel even snel door de opnames heen kunnen bladeren om te zien of ze gelukt zijn (een eerste waarderings-selectie dus), het liefst met dezelfde applicaties als waar ik dat normaal gesproken ook mee doe
  • Om foto’s te beoordelen liever geen glanzend scherm
  • Hernoemen naar mijn definitieve naamconventie, het liefst met de gebruikelijke applicaties
  • Bewerking metadata (namen van personen, locaties en onderwerpen op de foto), het liefst met de mij bekende applicatie
  • Het apparaat moet gemakkelijk zijn mee te nemen, dat wil zeggen; klein en licht van gewicht
  • Het toestel moet niet al te duur zijn
Kortom, ik kom tot de conclusie dat dit alleen mogelijk is met een netbook. Qua formaat en gewicht zijn die ongeveer de helft van een ‘normale’ laptop en ik kan er (een deel van) mijn gebruikelijke software op kwijt.  Voor minder dan 200,- euro vond ik m’n Samsung N145 en hoewel geen snelheidsmonster voldoet ie tot nog toe uitstekend. Hij is klein genoeg voor in m’n handbagage en goedkoop genoeg om eventuele verlies of diefstal voor lief te nemen.
Een externe 2,5 inch (USB2) harde schijf (voor de noodzakelijke tweede backup) is er snel op aangesloten.
En tenslotte zit er een relatief normaal toetsenbord op waarmee er gemakkelijk ’s avonds nog even wat metadata aan de foto’s kan worden toegevoegd. Iets dat ik me op een iPad nog niet zie doen, ook al zou ik er een externe toetsenbord op aan kunnen sluiten.

Zoals gezegd is een dergelijk apparaat is niet zwaar genoeg voor PhotoShop (in mijn dagelijkse workflow gebruik ik met name ACR – Adobe Camera Raw voor de kleurcorrecties) en bovendien heeft een dergelijk netbook natuurlijk geen gekalibreerd scherm waardoor dat deel van de workflow toch echt pas thuis kan worden gedaan.
Het eerste deel van m’n workflow kan er echter prima op worden uitgevoerd en in mijn geval (omdat ik fotografeer met Nikon) ziet die globaal als volgt uit:
  • Binnenhalen van de foto’s van de kaartjes (ingestion) met behulp van Nikon Transfer. Hiermee worden meteen ook de bulk meta data als copyright e.d. geplaatst
  • Sorteer werkzaamheden en eerste (ster) waardering m.b.t. Nikon ViewNX
  • Toevoegen van meta data (personen, onderwerpen, locaties, etc)
  • Het maken van gevalideerde back-ups met SyncBack
e)     De administratie hou ik bij in een eenvoudige spreadsheet (link).
Uitleg van de bedoeling van de verschillende kolommen in de sheet:
  1. Registreer  welke kaart je hebt gebruikt (nummer deze dan ook) om eventuele problemen met een kaart snel te lokaliseren
  2. Noteer de eerste opname en de laatste opname. Hierdoor zie je snel of je een kaart hebt gemist hebt om over te zetten
  3. Onder ‘ingest’ bevestig je dat de foto’s zijn overgezet naar de computer
  4. Een fotokaart zet ik altijd over naar een enkele directory die ik dezelfde naam geef als die ik bij stap 2) al heb genoteerd. Zo zie je ook op directory niveau snel of je nog ergens een foto kaart hebt gemist.
  5. Een van de eerste dingen die ik met de foto’s zelf doe is ze voorzien van het rode label. Dit om ze te kenmerken als ‘hier moet alle tagging nog mee gebeuren’. Mocht je geen tijd hebben om dit meteen te doen dan herken je op een later moment snel de opnames die je nog van metadata moet voorzien.
  6. Iedere keer dat ik foto’s overzet naar de computer maak ik in ieder geval een backup op een externe 2,5” harde schijf
  7. Mocht je maar beperkt tijd hebben dan kun je in de sheet van 6 t/m 10 bijhouden wat je al hebt gedaan en wat er nog moet gebeuren.  De stappen Locatie, Personen, Keywords en Rating wijzen zichzelf maar stap 10 vergt waarschijnlijk wat uitleg. Omdat de Rating (sterwaardering) een van de belangrijkste kenmerken is die je aan een foto mee kunt geven schrijf ik dit ook weg in het ‘Keywords’ veld (RM:STAR1). De belangrijkste reden is dat je vrij snel per ongeluk de sterwaardering kunt veranderen (doordat je per ongeluk meerdere foto’s tegelijk hebt geselecteerd bijvoorbeeld)
  8. Wanneer alle zaken zijn afgehandeld wordt het rode label van de betreffende foto’s weer verwijderd
Eenmaal thuis hoeft de workflow dus nog maar voor een (klein) deel te worden uitgevoerd; (batch)kleurcorrecties, omzetting naar DNG, opneming in een catalogus, etc. Dit zorgt er voor dat je veel sneller met je resultaten kunt pronken...

donderdag 16 juni 2011

Wordt metadata bij afbeeldingen overbodig?

Het gaat er inderdaad haast op lijken dat metadata toevoegen aan foto's overbodig aan het worden is.

Google heeft vandaag op hun ‘Inside Search’ event een aantal nieuwtjes laten zien waaronder ‘Zoeken op basis van een afbeelding’. Ik was verbaasd dat de functionaliteit al operationeel was en heb het dus meteen maar even uitgeprobeerd.
Wanneer je naar images.google.com gaat en op het icoontje klikt van het fototoestel wordt je in de gelegenheid gesteld om een afbeelding te uploaden. Daarna geeft Google aan wat het onderwerp op de foto betreft plus een aantal vergelijkbare afbeeldingen. Met name het eerste is natuurlijk interessant want wat nu als je foto’s hebt waarvan je niet meer precies weet wat er op staat? Met een beetje geluk weet Google dus raad! 

Ik heb getest met wat eenvoudige afbeeldingen van de Eiffeltoren en de toren van Pisa en die worden probleemloos herkend maar van een Stupa in Nepal waarvan ik de naam echt zelf eerst in mijn reisverslagen moest opzoeken bleek ook juist te zijn. Toch bleken er ook nog wel veel onderwerpen niet herkend te worden zoals de Mount Everest. Dit terwijl Google vandaag juist een afbeelding van een berg had gebruikt om de functionaliteit te demonstreren. Het kan zijn dan mijn foto net niet onder de goede hoek was genomen. Zo had ik twee vergelijkbare logo’s van een autofabrikant gebruikt waarvan de ene wel werd herkend en de andere niet.
Google geeft aan dat de technologie die hier wordt gebruikt dezelfde is als die van Google Goggles for mobile en alleen iets aangepast voor desktopgebruik. Volgens de berichten zouden er een aantal manieren moeten zijn om afbeeldingen concreet als zoekopdracht aan google aan te bieden maar de drag-and-drop functie heb ik niet kunnen ontdekken. ‘Gewoon’ uploaden is echter ook heel gemakkelijk (zie evt. m’n filmpje) en er schijnen ook Chrome en Firefox uitbreidingen te komen waarmee je het rechtstreeks vanuit de browser kunt doen.

Het lijkt er dus op dat metadata niet meer de enige mogelijkheid is om je afbeeldingen terug te vinden. In ieder geval wanneer het gaat om afbeeldingen van min of meer bekende zaken als gebouwen, logo’s, artiesten en dergelijke. Echter wanneer het gaat om begrippen, uitdrukkingen en andere zaken waar echt menselijke interpretatie voor nodig is dan denk ik dat het nog wel even duurt voordat dit kan worden geautomatiseerd. Voor het bulkwerk zie ik hier echter goede mogelijkheden dat de fotograaf in de nabije toekomst flink wat werk uit handen zal worden genomen.

Zie hier een aantal van de voorbeelden die ik even snel heb getest en ga er zelf natuurlijk ook gerust even mee stoeien!

woensdag 1 juni 2011

Opslagruimte voor de fotograaf


Storage
Als fotograaf heb je altijd en in een toenemende mate, behoefte aan een betrouwbare opslag voor al je fotomateriaal. Wat zijn de aspecten die hierin een rol spelen en hoe weeg je ze tegen elkaar af om tot een voor jou goede situatie te komen? Enkele aspecten die in ieder geval een rol spelen zijn:
  • De hoeveelheid opslagruimte
  • Redundantie (beveiliging tegen gegevensverlies)
  • Toegang tot de gegevens (hoe en de snelheid er van)
  • Kosten
Hoeveelheid ruimte
Op dit moment (mei 2011) kom je, wanneer je meer dan 3 Tb ruimte nodig hebt, uit op een systeem die meerdere harde schijven combineert. Veelal is dat dan concreet een multibay NAS of een DAS. NAS staat voor Network Attached Storage, dus opslagruimte die bereikbaar is via je netwerk.
De D van DAS staat voor Direct en dat gaat dus over opslagruimte die rechtstreeks met je computer verbonden is via USB, FireWire of eSATA.  Een voorbeeld hiervan is het onder fotografen populaire Drobo. Het voordeel hiervan boven een NAS is natuurlijk de snelheid, met name bij grote bestanden kan dit van doorslaggevend belang zijn.

Wanneer je het kunt doen met 3 TB of minder dan heb je alternatieven in de vorm van opslag met een enkele harde schijf, hierover verder in het artikel meer.

Redundantie (niet hetzelfde als back-up…)
Een harde schijf zal ooit defect raken en dat kan van het één op het andere moment zonder waarschuwing vooraf. Daarbij is de kans heel reëel dat je de data die er op staat verliest. Vanzelfsprekend maak je op geregelde tijden een back-up maar de data waar je de afgelopen uren (of dagen, afhankelijk van wanneer de recentste backup was) aan hebt gewerkt is dan wel verloren. Het mechanisme wat hiertegen bedacht is heet RAID (Redundant Array of Independent Disks). De materie is te complex om hier even uit te leggen, geïnteresseerden kunnen hier op Wikipedia gedetailleerde informatie vinden. 

Waar het in het kort op neer komt is dat bij RAID alle data verdeeld wordt over meerdere harde schijven. Hierbij blijven alle gegevens behouden wanneer een van de harde schijven uit valt. Het eerder genoemde Drobo werkt hierbij overigens iets anders dan RAID maar het principe van data verdeling over alle harde schijven is hetzelfde. Bij uitval van een van de harde schijven kan deze worden vervangen door een nieuwe . Vervolgens zullen alle gegevens weer over  alle schijven verdeeld worden waarmee de RAID weer is hersteld. Een tweede eigenschap van een RAID is de beschikbaarheid van je data. Ook wanneer er een harde schijf defect raakt zul je gewoon bij je bestanden kunnen blijven komen. Dit aspect speelt met name een rol bij belangrijke deadlines.

Een RAID kent overigens wel een bepaalde overhead, dat wil zeggen dat er netto opslag ruimte verloren gaat. Een RAID van 3 schijven van ieder 2 TB is dus niet 6 TB groot maar circa 4. Deze overhead is zeg maar de ‘verzekeringspremie’ voor het redundant opslaan van je gegevens.
Waar een enkele harde schijf dus in eerste instantie een single-point-of-failure was, is hij dat in het geval van een RAID of iets vergelijkbaars niet meer.
Echter bestaat er (helaas) nog zo’n single point of failure en dat is de NAS zelf. Stel dat niet een van de harde schijven maar het NAS-apparaat zelf defect raakt? Meestal is dan (exact) dezelfde hardware nodig om de data op de harde schijven weer te kunnen benaderen. Wanneer deze hardware niet meer verkrijgbaar is, kan het dus zijn dat de data niet meer benaderbaar is of alleen via gespecialiseerde (lees dure) data herstel bedrijven. Kortom; hoe redundant is redundant eigenlijk?

Een oplossing voor dit probleem is om NIET een multibay NAS te gebruiken maar een NAS met een enkele harde schijf. De redundantie verzorg je dan door er een externe harde schijf op aan te sluiten van hetzelfde formaat als de harde schijf die in de NAS zit. Wanneer je deze combinatie zo configureert dat de data van de NAS wordt gerepliceerd op de externe harde schijf dan kun je altijd bij je data. Het maakt dan niet uit wat er stuk gaat; een van de harde schijven, de NAS of de externe HD. Er mogen zelfs meerdere componenten tegelijk stuk gaan, je zult toch nog bij je gegevens kunnen!

Toegang
Een NAS geeft toegang tot de data via het Netwerk waarmee in principe alle computers in het netwerk toegang kunnen worden verleend. Bij een DAS is de toegang meestal beperkt tot de computer waarop hij is aangesloten of is het in ieder geval veel lastiger om toegang voor andere computers te regelen. De snelheid is bij een DAS weer (veel) hoger en in de praktijk zullen deze dan ook deze twee zaken  tegen elkaar worden afgewogen om tot een keuze te komen. 
Met de toegenomen netwerksnelheid worden NASsen echter veel vaker gebruikt tegenwoordig.

Kosten
Voor de afweging multi-bay NAS (DS 211) of single-bay NAS (DS 111) + externe HD heb ik gekeken naar een populair merk; Synology en ik heb twee apparaten met elkaar vergeleken die qua specificaties verder gelijk zijn. Het betreft natuurlijk een momentopname (juni 2011) en de prijzen zullen variëren maar ik veronderstel dat de geconstateerde verschillen niet substantieel zullen wijzigen. De prijzen komen trouwens van de memoryshop.nl en voor de harde schijven heb ik WD’s gekozen. Voor intern de Caviar Green van 2 Tb en voor extern de My Book Essential van 2 Tb:

Een NAS met 2 harde schijven blijkt dus niet alleen in absolute zin duurder dan een NAS met 1 schijf + een externe HD maar ook relatief...
De functieomvang en performance is in deze vergelijking exact dezelfde alleen kent de duurste set wel een single-point-of-failure en de goedkoopste niet.

Mij lijkt de goedkoopste variant dan ook nog eens de veiligste!

Ten slotte
De vergelijking 2-bay-NAS met een 1-Bay NAS + een externe HD is, zoals aan het begin aangegeven, alleen interessant voor de fotografen die voorlopig even vooruit kunnen met 3 TB. Daarbij is het overigens  verstandig om niet al ver vooruit te lopen op toekomstige behoefte omdat de schijven steeds groter worden en de kosten dalen. Alle ruimte die je nu dus in het voren in koopt, koop je per definitie het duurst in. 

Mocht je aan 3 Tb niet voldoende hebben dan kom je automatisch uit op multi-bay systemen. Koop dan iets met minimaal 4 schijven omdat een RAID overhead kent die (relatief) afneemt naarmate er meer schijven ‘mee doen’. Bovendien kun je dan RAID configuraties maken (RAID 6) die uitval van meerdere harde schijven toestaan. De single-point-of-failure voor wat betreft het NAS-apparaat zelf blijft hier wel bestaan natuurlijk.

Het is waarschijnlijk (hopelijk) overbodig om te melden dat een goed ingerichte en redundant uitgevoerde opslag je niet vrijwaart van een degelijk back-up!?

Opmerking juli 2014: Hoewel de type aanduidingen van de genoemde apparaten al niet meer aktueel zijn en de bedragen waarschijnlijk ook niet gaat het verhaal nog steeds op voor de huidige modellen.

iPad inzetten als Porfolio?


Steeds meer fotografen ontdekken de iPad als nieuwe manier om hun portfolio aan geïnteresseerden te presenteren. Daar waar een fysieke portfolio relatief veel werk kost om actueel te houden is dat bij de iPad veel gemakkelijker. Naast het up-to-date houden van je portfolio, zonder dat daar kosten aan verbonden zijn, kun je hem eenvoudig telkens aanpassen aan je (wisselende) publiek.

Net als bij een fysieke portfolio wil je natuurlijk wel dat je foto’s op hun best gepresenteerd worden en Matt Kloskowski heeft daarvoor alweer een poosje geleden een tweetal presets samengesteld waarmee je vanuit Lightroom foto’s kunt exporteren die geoptimaliseerd zijn voor het iPad scherm.
Het viel Matt namelijk op dat de foto’s er veel beter uit zien wanneer de afmetingen exact overeenkomen met die van het iPad scherm. Beter dan wanneer je iPhoto of de iPad zelf de foto’s laat resizen.

Lees hier op ‘Adobe Photoshop Lighroom Killer Tips’ Matt zijn ervaringen,  je kunt er bovendien zijn presets downloaden.

dinsdag 10 mei 2011

Lancering Media Pro 1

Hoewel er nog met geen woord over wordt gerept in de "press room" van PhaseOne is er sinds vandaag wel een download beschikbaar van "Media Pro 1", eindelijk!
Media Pro 1 is hun nieuwe DAM (Digital Asset Manager), een professioneel foto beheer programma en het is gebaseerd op het eerder van Microsoft overgenomen Expression Media 2 (en daarvoor was het iView MediaPro). Vanuit de historie bestaat er een trouwe schare aanhangers, veelal professionele fotografen die natuurlijk allemaal benieuwd zijn naar wat Phase One er van gebakken heeft.
Hoewel ik op deze plek normaal gesproken geen reviews doe ga ik het programma natuurlijk wel even flink aan de tand voelen en kom er hier dan ook zeker op terug. Mochten er geen reviews op internet verschijnen dan kan het zijn dat ik er hier dus nog wat uitgebreider op terug kom.

Voor de geïnteresseerden; de releasenotes zijn hier verkrijgbaar.

Heel interessant zijn de 5, 10, 20 en 50 multi user seat licenties waarover op de site wordt gesproken! Dit impliceert dat het programma nu voor het eerst multi-user geschikt is.

Prijsinformatie:

Single licence users:
Gebruikers van Microsoft Expression Media kunnen upgraden voor 39,- euro
Gebruikers van iView MediaPro kunnen upgraden voor 49,- euro
Nieuwe aanschaf, dus zonder upgrade, kan voor 139,- euro

Multi license users:
5 seats 299,- euro
10 seats 549,- euro
20 seats 949,- euro
50 seats 1999,- euro

Alle prijzen zijn voor EU gebruikers nog excl. 25% VAT naar het schijnt...


zondag 1 mei 2011

Gestolen camera? Vind hem terug dankzij metadata!

Terugkerende bezoekers van m’n blog weten dat het gebruik van metadata een beetje een stokpaardje van me is. Echter ben ik niet de enige, gezien de toepassing die Matt Burns gemaakt heeft om met behulp van metadata je gestolen camera terug te vinden. Althans , als je over Google Chrome of Firefox beschikt…

Wanneer je een foto ,die gemaakt is met de betreffende gestolen camera, op de startpagina van 'Stolencamerafinder' sleept, wordt het serienummer uit de metadata (concreet gaat het hier om de EXIF gegevens) van de betreffende foto uitgelezen. Dit wordt vervolgens weer gebruikt om het internet af te zoeken naar foto’s die dit serienummer bevatten en dus met de betreffende camera of smartphone moeten zijn gemaakt.

Mocht je geen zoekresultaten krijgen dan biedt de site een optie om een ‘missing camera report’ in te vullen. Je krijgt dan een e-mail wanneer er later alsnog zoekresultaten ontstaan.

Met Chrome en Firefox kun je rechtstreeks een foto op de pagina slepen maar mocht je alleen over Internet Explorer beschikken of geen foto’s bij de hand hebben, dan kun je ook alleen het serienummer intoetsen.

http://www.stolencamerafinder.com/

Aanvulling medio januari 2014:
Er is nu ook 'Lenstag', een gratis online service voor iOS, Android en je webbrowser om eenvoudig de serienummers van je objectieven te registreren. Het idee is dat mensen voor aankoop van een objectief eerst even checken of hij niet als gestolen geregistreerd staat.

http://digital-photography-school.com/lenstag-camera-theft?utm_source=feedburner&utm_medium=twitter&utm_campaign=Feed%3A+DigitalPhotographySchool+%28Digital+Photography+School%29 

zondag 10 april 2011

To Picasa or not to Picasa?

Sinds versie 3.5 draagt Picasa niet meer het label ‘beta’ en wordt door Google dus beschouwd als een volwassen product. Inderdaad is het fotobeheer programma van Google erg vriendelijk in het gebruik en ziet er ’sexy’ uit. Het gezichtsherkenningsmechanisme werkt uitstekend en ook het toekennen van metagegevens gaat steeds beter. Is het daarmee dan ook serieus in te zetten als DAM? (Digital Asset Management).

Samenvatting:
In mijn opinie is het programma uitstekend te gebruiken voor het overgrote deel van de beeldmakers met smartphones en compactcamera’s. Het ontbeert echter de mogelijkheden die je nodig hebt wanneer je iets serieuzer te werk gaat. Persoonlijk zou ik iedereen die fotografeert met een spiegelreflexcamera onder deze groep willen laten vallen. Deze mensen hebben er blijkbaar iets meer moeite voor over om tot goede resultaten te komen, anders zou hij of zij wel met een compacter en goedkoper toestel rondlopen. Net zoals je met zo’n camera niet in JPG maar in RAW zult fotograferen zul je je foto’s willen beheren met een programma waarmee je je collectie foto’s goed kunt organiseren en waarmee je snel foto’s kunt terugvinden. Picasa is dan niet de meest voor de hand liggende keuze.

Review:
Hoewel ik op mijn blog geen reviews plaats wil ik toch wel even kort in gaan op de eigenschappen van Picasa. Zowel de sterke als de zwakke kanten komen aan de orde zodat je voor jezelf kunt uitmaken of het programma voor je eigen situatie geschikt is of niet.

Multiplatform:
Een belangrijke voorwaarde voor beeldverwerkers is dat een applicatie op meerdere platformen wordt ondersteund en dat is bij Picasa goed geregeld.  Je kunt er op Windows, Mac en Linux mee terecht.

Algemene functies:
Verder kent Picasa een goede rode-ogen verwijderfunctie, eenvoudige beeldaanpassingen en online sharing opties. De bewerkingen zijn niet-destructief (PIE ware), ook een erg belangrijk kenmerk voor een DAM applicatie.

Organisatie:
De organisatie van de bestanden in Picasa is gebonden aan de hierachie van de folderstructuur waarin de foto’s op je computer zijn opgeslagen. De tagging en album opties die Picasa biedt vormen geen goed alternatief hiervoor terwijl een goed DAM systeem juist op dat vlak veel mogelijkheden biedt. Picasa organiseert je foto’s in albums gebaseerd op je folderstructuur en op basis van datum. In theorie klinkt dit wellicht goed maar het werkt alleen enigszins wanneer je folders een beschrijvende naam hebben. Wanneer je net start met digitale fotografie dan is dit afdoende maar wanneer je over veel foto’s beschikt dan heb je meer organisatiemogelijkheden nodig, het liefst juist niet gebaseerd op foldernamen.

Zoeken:
De zoekmogelijkheden van Pica zijn erg beperkt en met name voor een Google product valt me dat erg tegen. Juist met de groeiende hoeveelheden digitale foto’s heb je hier namelijk grote behoefte aan en de meeste DAM applicaties bieden dan ook tal van mogelijkheden om de gewenste foto’s snel terug te kunnen vinden. Eigenlijk kun je binnen Picasa maar op een paar zaken binnen je foto’s zoeken, de meest bruikbare daarvan zijn de ‘Keywords’ (ook ‘labels’ genoemd) en ‘titels’ die, omdat ze in de IPTC header worden weggeschreven, ook uitwisselbaar zijn met andere programma’s. Echter belangrijke kenmerken als Land, Staat, Stad, Copyright, gebruiksvoorwaarden, ect. Eigenlijk zou je willen kunnen zoeken in alle velden die getoond worden in het eigenschappenscherm van Picasa (zie afbeelding bij dit artikel) en combinaties daarvan.

Hoewel het zoeken op personen, aan de hand van de automatische gezichtsherkenning, ideaal lijkt is het dat helaas toch niet. De naam informatie wordt namelijk niet in de foto (IPTC) opgenomen maar alleen in de Picasa database. Daarmee kun je dus alleen met Picasa gebruik maken van deze informatie.

Tenslotte:
Omdat het gratis is te gebruiken kan iedereen heel laagdrempelig kennis maken met Picasa en ik moedig iedereen dan ook aan om dat zeker even te doen, niet in de laatste plaats de makers van concurrerende applicaties. Zoals gezegd is de gebruikersinterface namelijk erg prettig in het gebruik en ik zou willen dat andere applicaties hetzelfde zouden ‘aanvoelen’. Veel van de ‘serieuzere’ concurrenten zouden hier een voorbeeld kunnen nemen. De functie omvang, met name het zoeken, is echter (nog) onvoldoende het Picasa serieus als DAM applicatie in te kunnen zetten.

zaterdag 26 maart 2011

Zomertijd, vergeet niet de tijdsinstelling van je Camera!

Vanacht wordt de zomertijd weer van kracht. Vergeet niet om de tijdsaanduiding van je camera('s) ook aan te passen. Deze gegevens worden namelijk als 'meta-data' in je foto's opgenomen en dan zou er sprake zijn van een verkeerde tijdsaanduiding. Met tools als Exifer kun je deze achteraf weliswaar aanpassen maar daar komt het in de praktijk meestal niet van. Beter is dus gewoon om de klok van je camera goed te hebben staan.

Is het nu erg dat wanneer je later ziet dat een foto om 10 uur 's ochtends is gemaakt terwijl het in werkelijkheid 11 uur was? Nou, op zich niet natuurlijk maar er zijn situaties te bedenken waarin het werkelijk lastig kan zijn. 
Stel dat je meerdere camera's gebruikt op bijvoorbeeld een huwlijk. Je zult dan achteraf graag alle foto's in chronologische volgorde willen sorteren, de klok van de camera kan daarbij van grote dienst zijn. Mits deze dus correct is (op alle camera's).

zondag 20 maart 2011

SharePoint 2010 als DAM? (vervolg)


Inmiddels al meer dan een jaar geleden vroeg ik me ook al af of de recentste versie van Microsoft SharePoint (2010) geschikt zou zijn als Digital Asset Management (DAM) oplossing. Ondanks mijn enthousiasme voor SharePoint en de talrijke inzetmogelijkheden moet de conclusie helaas toch zijn dat de mogelijkheden voor DAM toepassingen (in ieder geval standaard) te beperkt zijn. De belangrijkste redenen hiervoor zijn:

Conversiemogelijkheden:
Zo kent een typisch DAM systeem talrijke conversiemogelijkheden van ondermeer de diverse RAW foto formaten naar TIF, DNG, JPG en dergelijke.
Hoewel SharePoint wel geautomatiseerd documenten kan omzetten van bijvoorbeeld Word of Excel naar HTML, zijn er geen opties beschikbaar om afbeeldingen (jpg, psd, dng, png) te converteren naar andere afbeeldingsformaten. 

Previewmogelijkheden:
Hetzelfde als voor de conversie mogelijkheden gaat ook op voor preview van video en foto materiaal. Een typische DAM ondersteund heel veel verschillende formaten zodat je previews kunt zien van het betreffende materiaal. Zonder extra’s ondersteund SharePoint maar een beperkt aantal formaten.

Geen ondersteuning voor kleurmanagement:
SharePoint kent geen ondersteuning voor kleurprofielen zoals typische DAM applicaties die wel kennen. Belangrijke partijen op de DAM markt zoals Mediabeacon, Telescope en Artesia maar ook ‘kleine’ (single system) DAM omgevingen als Idimager, Expression Media en Lightroom kennen allemaal kleurbeheer omdat dit zeer belangrijk is voor beeldbewerkers.

Geen beeldbewerkingsmogelijkheden:
De meeste DAM systemen kennen (eenvoudige) bewerkingsfuncties die vaak zelfs non-destructief zijn. Lees eventueel ook het artikel over PIE ware over dit onderwerp. In bepaalde gevallen wordt de afbeelding vanuit de DAM rechtstreeks geopend in een beeldbewerkingsapplicatie (Expression Media werkt bijvoorbeeld samen met Phase One, Lightroom met Photoshop).
SharePoint kent geen beeldbewerkingsmogelijkheden dus hiervoor zul je altijd separate software moeten inzetten. Ook zul je handmatig moeten bepalen met welke applicatie je de betreffende afbeelding wilt gaan bewerken en dat werkt niet erg efficient.

Conclusie:
Hoewel SharePoint, ook in de volwassen 2010 versie, standaard niet goed inzetbaar is als DAM systeem zijn er echter leveranciers die zich gespecialiseerd hebben in het opvullen van de lacunes zoals Equilibrium met MediaRich for SharePoint of het Belgische ADAM Software. Hoewel ik geen hands-on ervaring heb met deze producten lijkt deze ontwikkeling wel veelbelovend. 
Dus mocht je interesse hebben om SharePoint in te zetten als DAM, en die wens ligt voor de hand, oriënteer je dan meteen ook op deze derde partijen omdat de standaard mogelijkheden (nog) net iets te beperkt zijn. 

dinsdag 1 februari 2011

Metadata bij foto's, zegen of zorgen?

 
Afgelopen maand werd ik in een aantal tijdschriften getriggerd op 'het gevaar van Metadata'.
Mensen die m'n blog vaker lezen zullen weten dat ik een groot voorstander ben van het gebruik van Metadata in je foto's als belangrijkste hulpmiddel om ze te kunnen beheren. Lees die artikelen er zeker nog eens op na en laat je door dit artikel dan ook zeker niet afschrikken om Metadata te gebruiken.

Ook wanneer je je er niet van bewust bent dat je deze data gebruikt zullen je foto's namelijk vol staan met deze min of meer onzichtbare gegevens. Dit artikel is dan ook primair bedoeld om de bewustwording te vergroten en en er grip op te krijgen. Mijn mening is nog altijd onveranderd:
  •  Maak in de privésituatie juist zo veel mogelijk gebruik van metadata om ze optimaal te kunnen beheren. Op deze blog plaats ik regelmatig adviezen hierover 
  • Zorg er voor dat online geplaatste foto's alleen die gegevens bevatten die je met de wereld wil delen. Daarover in dit artikel meer;
Bewustwording:
Het is dus belangrijk dat je je er bewust van bent dat bepaalde gegevens niet geschikt zijn om met anderen te delen. Of althans, niet met iedereen op internet. Je familie weet tenslotte wel waar je woont en wanneer je met vakantie bent.

Zo worden je foto's tegenwoordig steeds vaker voorzien van locatie gegevens (coördinaten) omdat de veel moderne toestellen voorzien zijn van een GPS module. Zou je een foto met dergelijke gegevens zonder meer online plaatsen dan kunnen anderen bijvoorbeeld eenvoudig achterhalen waar je woont . Wanneer je nu ook nog regelmatig twittert waar je op dat moment bent  dan maak je het wel heel eenvoudig voor inbrekers of voor anderen die geïnteresseerd zijn in je gewoontes.

Daarentegen is het voor bijvoorbeeld je vakantiefoto's  weer hartstikke leuk dat anderen kunnen zien waar het was. Voor mensen die zich bezig houden met Geocaching is het delen van coördinaten juist een heel belangrijk aspect van de hobby.  De conclusie moet dan ook zijn dat je hier selectief mee om wilt gaan. In bepaalde gevallen wil je het wel maar in andere juist weer niet. Daarvoor moet je allereerst weten dat er verborgen informatie in je foto's zit.

Het onbewust delen van dit soort informatie zal de gebruiker van een spiegelreflexcamera waarschijnlijk minder snel overkomen dan eigenaren van smartphones. De eerste groep is vaak bewuster bezig met fotograferen en de workflow die daar bij hoort. De tweede groep fotografeert over het algemeen minder bewust en wil veel sneller hun resultaten delen met anderen via hyves, facebook, flick of andere social media platformen.

Hoewel gebruikers van de Apple iPhone of iPad zich niet erg ongerust hoeven te maken, de geo informatie in hun foto's wijkt regelmatig meer dan 10 Km af hier in Europa, toch kunnen ze eenvoudig en goedkoop helemaal 'in control' komen met het programma 'de Geo'. Een zogenaamde 'photo sharing' app voor IOS dat iPhone en iPAD gebruikers helpt bij het verwijderen van Geo informatie wanneer foto's gedeeld worden. De standaard met deze toestellen meegeleverde sharing app doet dit namelijk niet. De app kost nog geen dollar en is daarmee zondermeer een interessante aanschaf.

Echter is er natuurlijk meer dan alleen geo informatie die verborgen zit in je foto's. Laten we eens kijken wat er zo allemaal aan zogenaamde Metadata in afbeeldingen kan zitten:
·         XMP
·         IPTC
·         EXIF
·         Thumbnail

In het kort komt het er op neer dat de EXIF gegevens door je camera worden gegenereerd (belichtingsgegevens, merk en type camera, datum, tijdstip en soms dus ook de locatiegegevens).

De IPTC gegevens zijn velden die je als gebruiker zelf kunt invullen (Onderwerp, waardering, Copyricht, Labels, Opmerkingen etc. Voor degenen die dit niet kennen; ga maar eens in de windows verkenner naar een afbeelding, klik er met de rechtermuistoets op en kies voor eigenschappen. In het eigenschappenscherm open het tabblad ‘Details’. Daar zie je een aantal IPTC gegevens van de afbeelding staan en kun je daar zelf (weliswaar onhandig) invullen.

XMP is wat lastiger uit te leggen, ik denk dat ik daar later nog eens een artikel aan ga besteden. Hou het er maar op dat het een modernere manier is om hetzelfde (en meer) te doen dan met IPTC alleen. Alle moderne programma’s waarmee je IPTC en/of Exif informatie kunt aanpassen werken ook XMP bij.

Ook thumnails maken in de meeste gevallen onderdeel uit van de metadata van een afbeelding. Een soort miniatuurafbeelding van de werkelijke foto. Wanneer de foto nu wordt bijgesneden wordt niet altijd de thumbnail ook bijgewerkt waardoor daarop onderdelen zichtbaar blijven die je bewust van de foto had 'afgeknipt'.

Grip op de zaak
Ik begon dit artikel met het advies om je foto’s te kunnen beheren, daarvoor juist gebruik te maken van metadata en om alleen gevoelige informatie te verwijderen uit foto’s die online worden geplaatst. In beide gevallen kun je daar een fotobeheerprogramma gebruiken (DAM) zoals Expression Media of Lightroom.

Smartphone gebruikers die niet per se hun foto’s willen beheren kunnen ook eenvoudige toepassingen gebruiken als het eerdergenoemde DeGeo (iPhone) en geotag editor (iPhone) of geotagsecurity.
Voor deze laatste moeten je foto’s wel eerst vanuit je smartphone naar je computer worden gebracht. Wel mooi is dat de basis versie gratis is voor Windows gebruikers. De Pro versie kost 20 dollar en die kan een paar automatische zaken meer ten opzichte van de basis versie. Zo kan hij een folder monitoren op nieuwe foto's en daarvan automatisch de geo informatie verwijderen.

Laisan Shafikova is geotagsecurity in september 2010 begonnen als reactie op een artikel die hij (zij?) las in de New York Times over Adam Savage, een van de presentatoren van het tv programma MythBusters. In dat artikel werd zijn huisadres bekend omdat hij een foto had gepost van z'n auto die geparkeerd stond voor z'n huis. Een foto dus met Geoinformatie. Laisan besefte dat wanneer iemand met een wetenschappenlijke achtergrond als Adam dat kon overkomen, het de meeste andere mensen ook zal overkomen.

Mocht je een bezoek brengen aan Geotagsecurity.com, dan zie je dat Laisan heel erg  terughoudend is over het gebruik van Geo informatie in je foto's. Zo adviseert hij/zij bijvoorbeeld als eerste om de GPS van je fototoestel of smartphone uit te zetten. 
Ik zou dit laatste zeker niet willen adviseren. Je kunt informatie tenslotte altijd snel uit foto's verwijderen wanneer dat nodig is maar de informatie er naderhand weer aan toevoegen is veel lastiger.