maandag 2 mei 2016

Lightroom ’s ‘virtuele kopie’ versus de opties ‘momentopname’ en ‘historie’


Vanuit het oogpunt van het beheren van foto's is de functie ‘virtuele kopie’ van Lightroom een hele waardevolle optie. Deze voorkomt namelijk overbodige versies van foto’s (die je anders zou moeten beheren).

Te veel verschillende versies van dezelfde foto in je catalogus kunnen namelijk verwarring veroorzaken en wanneer je daarbij een fout maakt loop je bijvoorbeeld het risico dat je origineel ongewenst wordt overschreven door een kopie.

De functie ‘virtuele kopie’ in Lightroom zegt het eigenlijk al. Er wordt geen echte kopie van je foto gemaakt, dat lijkt alleen maar zo. Wanneer je in Lightroom kijkt is het alsof je twee verschillende versies (of meer) van een foto hebt maar in werkelijkheid zijn het alleen verschillende ‘brillen’ waarmee je naar het originele bestand kijkt. Dit is mogelijk omdat Lightroom foto’s niet-destructief bewerkt. Met andere woorden, bewerkingen worden niet op de foto toegepast maar alleen als instructies in de database van Lightroom opgeslagen. Wanneer je de foto opent (in Lightroom) worden de toegepaste bewerkingen realtime op het bronmateriaal toegepast en op het scherm aan je getoond.

Door middel van een zogenaamde export kun je er overigens wel altijd een ‘echt’  bestand van maken waarin de bewerkingen worden samengevoegd met het originele bestand naar een nieuw bestand. Die kun je dan bijvoorbeeld met anderen delen.

Een virtuele kopie is dus eigenlijk niets anders dan een tweede set van instructies van hoe een foto getoond moet worden. Deze instructies zijn opgeslagen in de Lightroom database en voor de gebruiker ziet het eruit als een tweede versie van de oorspronkelijke foto. Een zwart-wit uitvoering bijvoorbeeld van een oorspronkelijke kleurenopname:


Deze instructies nemen bovendien nauwelijks ruimte in beslag, dit in tegenstelling tot een werkelijke kopie van een foto. Die neemt namelijk (vrijwel) net zo veel ruimte (extra) in beslag als het origineel.

De verschillende virtuele kopieën zijn net zo eenvoudig onderling met elkaar te vergelijken als verschillende ‘echte’ foto’s. Dat geeft je dus de gelegenheid om te experimenteren met verschillende aanpassingen en deze dan te vergelijken met het ‘origineel’ of een eerder experiment. Virtuele kopieën die je niet wilt bewaren gooi je naderhand gewoon weer weg.

Een Virtuele kopie maak je heel eenvoudig door rechts te klikken op een foto en dan de optie te kiezen uit het contextmenu:


Momentopname (Snapshot) versus virtuele kopie

Virtuele kopieën en momentopnames worden nog wel eens door elkaar gehaald. Enerzijds is dat logisch omdat ze deels voor hetzelfde kunnen worden gebruikt. Anderzijds zijn het toch heel verschillende dingen. 


Een Momentopname gebruik je vooral wanneer je aan het experimenteren bent met aanpassingen en vooraf niet helemaal zeker bent of je het resultaat wilt houden. Om iedere keer weer met ‘opnieuw instellen’ bij nul te beginnen is natuurlijk niet logisch. Nu, wanneer je enkele veranderingen hebt aangebracht kun je die als het ware ‘bevriezen’ door middel van een momentopname. Mocht je de eerstvolgende verandering niet goed vinden dan kun je met een klik terug naar een eerder gemaakte momentopname. Je hoeft dan dus niet helemaal weer bij nul te beginnen.

Toch gebruik ikzelf deze functie eigenlijk nooit. Dit omdat je iets soortgelijks kunt doen in het Historie paneel:

Historie versys virtuele kopie


Ook in het historiepaneel kun je snel terug naar een eerdere aanpassing door daar met de rechtermuisknop op te klikken en dan te kiezen voor ‘Historie stapinstelling kopiëren naar voor’.  
Het grote voordeel is dat je dit binnen het Historie paneel altijd kunt doen, ook wanneer je er niet vooraf expliciet aan hebt gedacht (zoals dat bij een momentopname wel nodig is). De stappen die je onder historie ziet worden namelijk automatisch door Lightroom bijgehouden.

Conclusie

Hoewel de drie besproken opties veel overeenkomsten hebben, biedt de ‘Virtuele kopie’ in mijn beleving de grootste toegevoegde waarde. 
Het maakt het heel eenvoudig om verschillende bewerkingen met elkaar te vergelijken. Een zwart-wit uitvoering wil je misschien niet vergelijken met het kleuren origineel maar dat is anders bij kleine nuanceverschillen of bij het maken en testen van voorinstellingen. Zeker wanneer je snel wilt kunnen terugkeren naar een bepaalde uitvoering van een foto is een virtuele kopie het handigst.

Ook kun je eenvoudig meerdere verschillende versies van een foto’s naast elkaar bewaren en behandelen alsof het ‘echte’ afzonderlijke foto’s zijn. 

Nog een laatste tip:


Kun je nooit onthouden waarom je een virtuele kopie hebt gemaakt? Zet de reden dan in het veld ‘naam kopie’ in het Metadatapaneel aan de rechterkant in de Bibliotheekmodule:


Als je daarna over de foto in de Filmstrip gaat met de muis (hovert) komt deze tekst tevoorschijn als toevoeging op de bestandsnaam: